Het geschrokken ik

Wat zijn we sensitief, eigenlijk. Zo sensitief dat het niet makkelijk is - of was - om daarin te ontspannen.

Het is goed beschouwd nogal onvermijdelijk: als jong kind zijn we allemaal wel eens verlaten, niet ontmoet in onze behoeften, slecht begrepen. Die vaststelling ligt aan de basis van wat ons ‘ego’ genoemd wordt; in de kern een bescherming van die sensitiviteit.
‘Ego’ is niet meteen mijn favoriete woord, omdat er makkelijk een oordeel in doorklinkt (egoistisch, egocentrisch*). Daarom heb ik het liever over ons ‘geschrokken ik’. Maar ik bedoel er hetzelfde mee.

Onze ziel is ‘kneedbaar’. We zijn uit zelfbescherming in bepaalde ‘stand' gaan staan. Kort gezegd: we zijn geworden wat we nodig hadden om met onze ouders om te kunnen gaan, of wat onze ouders nodig hadden om met ons om te kunnen gaan. Vaak zo goed en zo kwaad als het gaat.

Dat is nergens slecht of onhandig. Integendeel; het is intelligent. Alleen als dat waar mag zijn (!) is het woordje ‘ego’ van z’n negatieve lading af en kunnen we erkennen dat ons ‘geschrokken ik’ een defensieve structuur nodig had. Een structuur die we langzaam aangenomen hebben als ‘eigen’. Dit ben ik.

En kunnen we de aandacht richten op de fascinerende mogelijkheid dat er groei mogelijk is voorbij het ego, voorbij die ‘defensieve structuur’.

In de basisworkshop (en wel vaker) geef ik ruim aandacht aan mijn eigen ‘geschrokken ik’ en aan mijn eigen defensieve structuur. Al wil ik ook niet al te lang over mezelf te praten.
Achterliggend is dat ik niemand kan vragen om naar eigen ervaring te kijken - of van daaruit te spreken - als ik dat niet zelf ook doe.

*) Oordelen zijn het laatste wat we nodig hebben in de beweging die we zoeken, omdat ze de noodzaak van een defensieve structuur versterken.

footer3